Glashelder geschonken
Bekijk roséwijn door een roze bril
rosé wijn


Hoe dat kwam? Na mijn studies wijnkunde heb ik een ‘rosétrauma’ opgelopen. In die tijd werd een populaire licht bubbelende rosé bijna overal geschonken: een ovale fles uit Portugal met een naam die naar een Bijbelse figuur verwees.


Hoezo, wit en rood gemengd?

Met mijn wijnkennis vond ik die wijn maar niets. Hoe kon zo’n fles zo succesvol zijn? Gelukkig is er veel veranderd. Nee, rosé is geen mengeling tussen wit en rood. Dat is trouwens verboden in Europa, behalve voor champagne. Daar mag je rode aan witte toevoegen om een rosé champagne te produceren.

Vroeger diende rosé weleens om de kleur van rode wijnen op te krikken. Nu is roséwijn in de loop der jaren uitgegroeid tot een volwaardig product.

En mijn rosétrauma is verdwenen als sneeuw voor de zon.


Rosé wordt met blauwe druiven geproduceerd

Er bestaan verschillende productiemethoden voor rosé, ik vat ze kort samen.

Wijnbouwers vertrekken altijd van blauwe druiven. Ze hebben de mogelijkheid om snel te persen, maar ze kunnen ook eerst schil en sap contact laten maken en dan pas persen. Daarna volgt een gisting die je kunt vergelijken met die van witte wijnen.

Voor de bereiding van rosé wordt er zelden houtlagering toegepast. Ook hier is de uitzondering de regel. In ons gamma zit een nieuwe wijn, de Amorino Rosado uit de Abruzzen. Die roséwijn heeft wél een lichte houtlagering gehad.


Wijnstijlen in de roséfamilie

Je kunt verschillende stijlen binnen de roséfamilie onderscheiden. Zo is er de lichte fruitige stijl, doorgaans zalmkleurig. Ontkurk zulke rosés het liefst als ze nog piepjong zijn – lees: binnen het jaar. Laat ze zomerse slaatjes, garnalencocktail en vis begeleiden. Natuurlijk zijn ze ook geschikt als aperowijn.

Tegenhanger is de dieprode, geconcentreerde complexere stijl. Deze roséwijnen zijn doorgaans beter na één jaar op fles. Ze kunnen rijke gerechten als lamsvlees aan. Denk aan een type Tavel of Chinon Rosé, sterke rosés die echte gerechten vragen. Serveer ze niet als terraswijn.


Moet je roséwijn drinken binnen het jaar?

‘Alle roséwijnen moeten binnen het jaar na productie gedronken worden.’ Beweert iemand dat? Ik geef je argumenten om die opinie te nuanceren.

De binnen-het-jaarregel geldt voor het gros van de zuiderse rosés, want die zijn op hun jongst het best. Maar rosé geproduceerd in de Provence in hoger gelegen wijngaarden, in de Elzas en op koele plaatsen zoals Sancerre consumeer je altijd beter na een jaar op fles. De reden?

Deze rosés zijn goed gemaakt. Vele hebben – net als rode wijn – een beetje tijd nodig om hun aroma’s te ontwikkelen en het jeugdig bittertje te verteren. Pas na fleslagering bieden ze 100% genot.


Wit, rood of rosé: volwaardige wijnen

Ik ben tevreden dat de rosés van tien jaar geleden helemaal verleden tijd zijn.

Ja, rosé is een volwaardige wijn, net zoals wit en rood.

Geniet van een zalmkleurige frisse rosé met levendige zuurtjes als aperitief in het zonnetje.
Of proef van een complexe rijke volle rosé, geserveerd op 10°C bij een stukje gegrild vlees op de barbecue.

Tip: doe het nooit omgekeerd. Dus, geen zware rosé als aperitief en lichte rosé bij de barbecue.

Laat in ieder geval de rosé rijkelijk vloeien. We kijken met z’n allen uit naar een lange zomer, overgoten met zon en rosé. Hopelijk mogen we weer met vrienden afspreken en volop barbecues organiseren. Dan kan iedereen roséwijn – en bij uitbreiding het leven – weer bekijken door een roze bril.

Categorieën